Enkele misverstanden bij het afsluiten van een woonkrediet
Er bestaan enkele misverstanden over het afsluiten van een hypothecair krediet. Door uit te gaan van deze veronderstellingen kom je als kredietlener soms voor pijnlijke fiscale, financiële en juridische verrassingen komen te staan. De meeste kredietnemers gaan er vanuit dat ze met een schuldsaldoverzekering ‘safe’ zijn, en dat deze de afbetaling van het krediet garandeert wanneer de kredietnemer te overlijden komt. Dat is niet altijd zo. Je mag ook niet concluderen dat het renteniveau van woonkredieten zal dalen als de rente op spaarrekeningen laag staat. Uit marktonderzoek blijkt dat het merendeel van de Belgen daar vanuit gaat. Daarenboven moet je weten dat toegestane kortingen niet per se definitief hoeven te zijn!
Totale kost
“Velen laten zich bijvoorbeeld leiden door lage rentevoeten zonder te beseffen dat deze hen op lange termijn veel geld kunnen kosten. Wie wil vergelijken moet de totale kost van een woonkrediet in rekening brengen. Zo kunnen bij de modale woonlening de ‘extra’s’ gemakkelijk oplopen tot 20 procent en meer”, aldus John Romain van Immotheker woensdag tijdens de persvoorstelling.
Dure bijkomdende kosten
De bijkomende kosten van een krediet zijn vaak niet te onderschatten. Denk hierbij vooral aan de beschrijfkosten en de premie van de schuldsaldoverzekering. Een gunstig rentetarief wordt vaak aangeboden (gecompenseerd) met een dure schuldsaldoverzekering.
Om die misverstanden te vermijden lanceert Immotheker het gratis boek ‘SOS woonkrediet’.
Tags: Misverstanden · woonkrediet

